Ovulatietesters

Ovulatietesters lijken op de zwangerschapstesters. Het zijn zelftesten die op basis van urine werken. Ze rekenen voor je uit op welke dagen je de meeste kans hebt om zwanger te raken.


Tijdens de ovulatie (de eisprong) heb je de grootste kans om zwanger te worden. De ovulatietest is een hulpmiddel om uit te vinden wanneer die eisprong plaatsvindt. Zij kunnen deze berekening nauwkeurig doen door de aanwezigheid van het luteïniserend hormoon.

De hele menstruele cyclus kan onderverdeeld worden in vier perioden. Eerst is er de folliculaire fase, waarin de eicel rijpt. Dan vindt de eisprong plaats, de ovulatie. De derde fase is de luteale fase, de periode waarin de baarmoeder zich klaarmaakt voor een bevruchte eicel. De vierde fase is de menstruatie. De baarmoeder stoot de niet bevruchte eicel af en ruimt alles daarmee op.

Het proces waarin de nieuwe eicel groeit en rijpt speelt zich af in een blaasje, de follikel genoemd. De follikel rijpt direct na de menstruatie in één van de eierstokken tot een rijpe follikel. Dit wordt de Graafse follikel genoemd. De groei en rijping van de eicel gebeurt onder invloed van het luteïniserend hormoon en het follikel stimulerend hormoon. De aanmaak van de hormonen vindt plaats bij de hypofyse. De eisprong vindt plaats ongeveer 36 uur na het begin van de piek van het luteïniserend hormoon. Daarom is de zelftester gebaseerd op het meten van de ovulatie. De tester spoort het luteïniserend hormoon in je urine op. Zo weet je exact wanneer je de meeste kans op zwangerschap hebt.

De testers geven aan wanneer je het beste kunt testen. Het wordt vermeld in de bijsluiter. De testdagen hebben te maken met de lengte van je menstruatiecyclus. Je moet dus wel weten welke cyclus bij jou van toepassing is. Weet je het niet? Houd dan vier maanden je cyclus bij en kies de kortste cyclus. De test gaat net als een zwangerschapstest. Houd de tester onder de urinestraal of doop het in je urine. Het testen vindt ongeveer over maximaal vijf dagen achter elkaar plaats.

Er kunnen factoren zijn, waardoor een ovulatietest niet goed werkt. Dat is het geval als je net bent gestopt met de pil. Je menstruatiecyclus is in dat geval nog enige tijd te onregelmatig om een piek van het luteïniserend hormoon te vinden. Ben je net zwanger geweest, onderga je vruchtbaarheidsbehandelingen of ben je in de overgang? Dat kan de ovulatietest ook negatief beïnvloeden.