Verkrachting

Verkrachting is nog steeds een veel voorkomende vorm van geweld. Het houdt in dat iemand tegen zijn wil, mogelijk naast andere ontuchtige handelingen, een ongewenste binnendringing van zijn of haar lichaam ondergaan heeft.


Naast ongewenste penetratie wordt wettelijk gezien ook gesproken van verkrachting wanneer het gaat om seksuele handelingen die verricht zijn bij een -16 jarige persoon. Wanneer dus bijvoorbeeld een meisje van 14 een vriend heeft van 19 en ze hebben seksueel contact kan de jongen in kwestie volgens artikel 375, een straf opgelegd worden van 7 tot 10 jaar celstraf omdat dit opgevat wordt als aanranding van de eerbaarheid. In praktijk komt dit echter zelden voor. De beklaagde wordt wel schuldig verklaard maar krijgt enkel een voorwaardelijke straf. Velen vinden dit wetsartikel dan ook totaal overbodig en vinden het tevens de vrije wil ondermijnen van de minderjarige.

Verkrachting kan zowel gebeuren door een onbekend iemand als door een bekende persoon. Zelfs verkrachting binnen eenzelfde familie komt voor, wat men dan duidt met de term ‘incest’. Het kan echter ook gebeuren tussen partners. Een relatie betekent immers nog niet de directe toestemming tot seks. Ook groepsverkrachtingen komen voor. Hierbij zijn de daders en slachtoffers meestal van 13 of 14- jarige leeftijd.

In 2005 kwamen er in België 2632 personen aangifte doen van verkrachting. Zeker mag men er van zijn dat dit absoluut geen volledig beeld is. De stap zetten om een aangifte te doen is namelijk erg groot na zo’n een traumatische ervaring. Vaak wacht men er te lang mee en zijn de bewijzen al uitgewist. Door te baden of je kleren te wassen kan elk spoor al verdwenen zijn. Vlug reageren is dus de boodschap, al kan men het slachtoffer het niet verwijten moest die stap te moeilijk zijn. Bij velen is dit zo, en sluimert het gevoel van het willen maar niet kunnen zeggen aan, waarbij ook vaak een groot schuldgevoel komt kijken door het besef dat de dader dit anderen ook zou kunnen aandoen.

Een ander belangrijk gevoel, buiten het schuldgevoel, is angst. Het slachtoffer kan zodanig getraumatiseerd zijn dat hij of zij zelfs niet meer buiten durft komen of ernstige angstfobieën ontwikkelt. De angst voor herhaling van het feit en de confrontatie met de dader liggen hier aan de oorzaak.

Ook in het verdere seksuele leven van het slachtoffer kunnen problemen ontstaan. Zich volledig kunnen geven aan een partner op seksueel gebied wordt plots niet meer zo vanzelfsprekend. Een goede communicatie en openheid tussen beide partners is dus ten zeerste aangeraden. Het slachtoffer vindt zijn of haar lichaam na verkrachting immers vaak vuil en geschonden en zal veel steun en lieve woorden kunnen gebruiken om terug van zichzelf te kunnen houden.

Een feit is dat de daders er vaak gemakkelijk van af komen. Maar liefst 60 % wordt nooit geïdentificeerd. Er zijn dus veel meer verkrachtingen in verhouding tot het aantal veroordelingen. Wordt de dader dan toch gevat, dan kan die veroordeeld worden tot een gevangenisstraf van 7 tot 30 jaar, afhankelijk van verschillende factoren. De leeftijd van het slachtoffer speelt bijvoorbeeld een rol, of er foltering bij te pas kwam, en of er gezag over het slachtoffer werd uitgeoefend. Dat laatste is trouwens nogal een vreemd punt. Psychologisch onderzoek wijst er namelijk op dat elke verkrachting gebeurd vanuit een machtsgevoel. Het slachtoffer wordt sowieso onderworpen aan de dader zijn gezag, aangezien hij zijn wil doordrijft zonder toestemming.

Besluit: verkrachting is een gruwelijke misdaad die nog al te vaak ongestraft blijft. Professionele hulp is aangeraden bij de verwerking van een verkrachting, omdat de psychologische gevolgen ervan zeer ernstig kunnen zijn.