Als opa en oma op de kleinkinderen passen

In Nederland passen veel opa’s en oma’s op de kleinkinderen als vader en moeder blijven werken. De meeste grootouders vinden dat geen probleem als hun gezondheid het toelaat. Maar wat moeten zij doen als de opvoedingsnormen verschillen met de ouders?


Er zitten wat haken en ogen aan het overlaten van oppassen van kinderen, zeker als er sprake is van een familieband. Er zijn zaken die vroeger echt niet door de beugel konden, maar die nu over het algemeen getolereerd worden. Een grote mond wordt afgedaan met de woorden dat het kind zo heerlijk assertief is. Opa en oma zijn dat wel heel anders gewend. Een grote mond kon vroeger beslist niet.

Het is belangrijk om bepaalde zaken goed met elkaar te bespreken voordat je volmondig met elkaar akkoord gaat over het oppassen. Opa’s en oma’s moeten op één lijn zitten wat het oppassen betreft. Het in huis nemen van kinderen heeft heel wat voeten in aarde. Maar ook de ouders moeten op één lijn zitten. Als de kinderen naar grootouders gaan die er ouderwetse ideeën op nahouden, heeft dat bepaalde gevolgen, ook voor de opvoeding van de kinderen.

Je kunt met elkaar afspreken wat wel en wat niet kan op het gebied van fundamentele opvoedingsprincipes. Natuurlijk moeten de regels in het huis van de grootouders gerespecteerd worden. Je kunt afspraken maken over praktische zaken. Spreek bijvoorbeeld af hoeveel uur er televisie mag worden gekeken, hoe laat het bedtijd is en dergelijke. Daarnaast moet je andere zaken ook afspreken. Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat je niet wilt dat je kinderen beloond worden met snoep, maar met een knuffel. Aan de andere kant kunnen oma en opa ook wensen kenbaar maken. Zij moeten bijvoorbeeld altijd kunnen stoppen met oppassen als het te vermoeiend wordt. Ook moeten zij bepaalde regels in het huis kunnen stellen. Met de meubels wordt bijvoorbeeld voorzichtig omgegaan, ook al mogen ze thuis op de bankleuning zitten. Kinderen kunnen best leren omgaan met het feit dat ieder huis zijn eigen regels heeft.